Wapens van het lichaam

Of je immuun bent voor een ziekte, ligt eraan of je bepaald kleine eiwitmoleculen in je bloed hebt. Antistoffen binden goed aan eiwitten die aan de buitenkant van ziekteverwekkers zitten, de antigenen. Antistoffen is dus een type eiwit, dat hoort bij de immunoglobulins.

Één zo'n immunoglobuline bestaat uit twee delen: Een vast deel en een niet-vast deel (variabel). Dat variabele deel kan verschillen per molecuul en daar wordt gebruik van gemaakt! Het afweersysteem deelt deze variabelen steeds anders in, waardoor er miljoenen antistoffen ontstaan tegen heel veel ziekteverwekkers.

B-Lymfocyten herkennen ziekteverwekkers, omdat ze merken dat de antigenen lichaamsvreemd zijn. Nadat zo'n lichaamsvreemd anitgen is opgemerkt, worden de B-lymfocyten geactiveerd. Er ontwikkelen plasmacellen die antistoffen tegen de antigenen maken. Een deel van die lymfocyten worden geheugencellen, waarmee het lichaam sneller in actie kan komen.

Bij virussen gaat het anders, ze nemen namelijk een cel over en de cel heeft geen vreemde antigenen. Daarom heeft het lichaam hier iets anders op, namelijk de T-lymfocyten. Met de T-lymfocyten worden cellen in het lichaam opgespoord die besmet zijn. T-lymfocyten vermeerderen zich nadat er een infectie is ontdekt.

Antigenen van ziekteverwekkers die zich binden met antistoffen die lijken op membraaneiwitten, dat noem je T-cel receptoren. Deze receptoren blijven in het membraan. 

MHC-I-Eiwitten zijn een soort transportmoleculen, waarmee lichaamscellen hun eiwitten op hun membraan plaatsen. Dan zijn er cytoxische t-lymfocyten die met receptoren herkennen of een cel virusantigeen heeft, dat lichaamsvreemd is. Als die receptoren dat herkennen, wordt de lichaamscel gedood.

De macrofaag brengt met MHC-II-eiwitten deeltjes van het virus naar de buitenkant. Met een binding wordt dan de T-helper lymfocyt geactiveerd, die signaalstoffen afgeeft, genaamd cytokinen. Met die cytokinen worden worden lymfocyten aangegeven om te delen en te ontwikkelen.

Definitie begrippen (schuingedrukt)


Antistoffen
Beschermingsstoffen die ontstaan doordat er antigenen aanwezig zijn.

Antigenen
Lichaamsvreemde stoffen die ervoor kunnen zorgen dat er antistoffen worden aangemaakt.

B-lymfocyten
Lymfocyten die zich in het beenmerg ontwikkelen, ze produceren antistoffen.

cytotoxische T-lymfocyten
Een subgroep van de T-lymfocyten, die vooral tumorcellen kan doden. Ook wel de killer T cel genoemd.

T-helper lymfocyten
Werkt samen met macrofagen om de specifieke afweer in te schakelen.

MHC eiwitten
Laten zien welke eiwitten vreemd en welke lichaamseigen zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten